info@hogeschoolvoortoegepastefilosofie.nl
+31(0)85 8769712
Contact
Ga terug naar overzicht
Auteur: Ben van Lier
Datum: 17 november 2025
Media

Digitale transformatie en de vraag naar het menselijk zijn in een digitale werkelijkheid

Bijna 70 procent van de mensen op de wereld is gebruiker van een mobiele (smart)telefoon en ongeveer een even groot aantal mensen maakt gebruik van internet. Naast deze bekende technologische toepassingen zijn er in 2023 bijna 16 miljard consumentenapparaten actief en verbonden in wereldwijde netwerken. Dit  aantal zal tot 2030 tenminste gaan verdubbelen, zo is de verwachting. Het Internet of Things (IoT), dat voornamelijk bestaat uit consumentenapparaten zoals koelkasten, smartwatches, televisies, auto’s en allerlei andere producten, begint daarmee langzaam maar zeker wereldwijd vorm te krijgen.

Naast het IoT neemt ook de wereldwijde toepassing van digitale mogelijkheden exponentieel toe. Hierdoor zal de wijze van industriële productie wereldwijd revolutionair veranderen. Deze ontwikkeling, aangeduid als de vierde industriële revolutie, leidt tot het ontstaan van een zogenaamde Industrial Internet of Things (IIoT). Hierin speel China een toonaangevende rol. 

Nieuwe ontologie

De verbindingen binnen netwerken, de onderlinge communicatie en de mogelijkheden voor nieuwe, en andere functionaliteiten van apparaten en machines creëren zo een nieuwe categorie van Cyber Physical Systems (CPS). De gebruikte algoritmes, software en data bepalen het functioneren en de onderlinge communicatie van deze individuele systemen met andere systemen én met mensen. Tegelijkertijd zullen deze cyber physical systems het functioneren gaan bepalen van een steeds groter digitaal ecosysteem. 

De vraag wordt relevant of we op zoek moeten gaan naar een nieuwe ontologie of zijnsleer in de digitale wereld. 

In 1954 al benoemt de Duitse filosoof Heidegger de snelle ontwikkeling van technologie als een vorm van een ‘omlijsting van onze actuele werkelijkheid’. Deze omlijsting doet een oproep aan de mens om de nieuwe en door technologie gecreëerde werkelijkheid te analyseren en te ontsluiten. Met deze analyse kunnen we op zoek naar de essentie van de technologie die ons omringt en wat zij betekent voor het Zijn van mens in deze wereld.

Ondanks de waarschuwing van Heidegger groeit de huidige nieuwe digitale werkelijkheid exponentieel, op basis van een enorm aantal onderling verbonden en communicerende apparaten. Grotendeels onbewust worden onze fysieke menselijke wereld en werkelijkheid omkaderd door een nieuwe en op mathematische en natuurwetenschappelijke uitgangspunten gebaseerde digitale werkelijkheid. In deze ontwikkeling besteden we te weinig aandacht aan de gevolgen voor het Zijn van mens van deze nieuwe digitale werkelijkheid. Met deze ontwikkelingen wordt de vraag relevant of we op zoek moeten gaan naar een nieuwe ontologie of zijnsleer in de digitale wereld. 

The Metaverse 

Naast bovenstaande ontwikkelingen ontstaan ook mogelijkheden om de groeiende digitale werkelijkheid uit te breiden met aanvullende vormen. Hierbij kunnen we denken aan een door computers gecreëerde driedimensionale werkelijkheid, weergegeven op hardware: een virtuele realiteit (VR). De virtuele realiteit reageert interactief op de gebruiker en is erop gericht dat deze een virtuele omgeving ervaart als de fysieke werkelijkheid en er actief aan deelneemt. Een hybride variant kennen we als een gemengde fysieke werkelijkheid (Augmented Reality, AR), bestaande uit combinaties van de fysieke en digitale werkelijkheid. Door middel van dergelijke aanvullende werkelijkheden is het voor mensen steeds eenvoudiger om vanuit hun eigen fysieke werkelijkheid te communiceren en interacteren met objecten in deze nieuwe en aanvullende virtuele werkelijkheid. 

Het geheel van al deze nieuwe combinaties heeft in de afgelopen jaren geleid tot speculaties over de komst van TheMetaverse. Dit ‘universum’ is gebaseerd is op nieuwe combinaties van de zich ontwikkelende virtuele werelden. De gezamenlijke digitale werelden kunnen de ‘echte’ werkelijkheid exact of bijna exact reproduceren. In 2022 geeft Matthew Ball als eerste een eenduidige definitie van The Metaverse
A massively scaled and interoperable network of real-time rendered 3D virtual worlds that can be experienced synchronously and persistently by an effectively unlimited number of users with an individual sense of presence, and with continuity of data, such as identity, history, entitlements, objects, communications and payments.

Centraal staat volgens Ball de mogelijkheid voor de gebruiker van virtuele werelden om de daarin gebruikte content, zoals een avatar, van de ene virtuele wereld mee te nemen naar een andere.

We kunnen de virtuele werelden niet langer beschouwen als ‘illusies’.

Volgens de Australische filosoof David Chalmers kunnen we de virtuele werelden niet langer beschouwen als ‘illusies’. Naar zijn mening vormt de virtuele werkelijkheid steeds meer een werkelijkheid op zich en is het bestaan ervan steeds meer te beschouwen als een ‘echte’ realiteit. De virtuele werelden zijn anders dan de fysieke werkelijkheid, omdat ze gebaseerd zijn op informatie en processen uitgevoerd door computers. Maar wanneer gebruikers in een virtuele wereld steeds meer hun fysieke aanwezigheid kunnen ervaren en tegelijkertijd kunnen interacteren met andere virtuele objecten, zal langzaam maar zeker de grens tussen de fysieke en virtuele werkelijkheid vervagen. 

Volgens Chalmers is The Metaverse een zich langzaam ontwikkelende wereldwijde virtuele wereld, waarin je weliswaar niet je hele leven doorbrengt, maar waaraan je deelneemt waar en wanneer je wilt. Door zijn mathematische en natuurwetenschappelijke uitgangspunten is The Metaverse fundamenteel anders dan de fysieke werkelijkheid, die we ervaren op basis van individuele zintuiglijke waarneming.  

Nieuwe golf 

In 2023 publiceren Mustafa Suleyman en Michael Bashkar het boek The coming wave. In dit boek onderzoeken zij de mogelijke gevolgen van een nieuwe golf aan actuele technologieën, die kunnen zorgen voor nieuwe digitale combinaties en die de digitale transformatie naar een nieuw hoogtepunt brengen. De auteurs baseren zich in hun boek op de economische theorie van Joseph Schumpeter en zijn onderzoek naar de essentiële rol van technologie in grote economische veranderingen. 

Op basis van de theorie van Schumpeter gaan Suleyman c.s. ervan uit dat er een nieuwe versnelling gaat plaatsvinden. Deze versnelling is gebaseerd op de nieuwe generatie technologische mogelijkheden die tegelijkertijd beschikbaar komen en breed kunnen worden toegepast. De nieuwe generatie technologische ontwikkelingen zal worden samengesteld uit relatief nieuwe en zich nu snel voltrekkende technologische ontwikkelingen, zoals artificiële intelligentie en synthetische biologie, kwantum computing en robotica. 

In de afgelopen jaren hebben we doorbraken en snelle toepassing gezien op het terrein van kunstmatige intelligentie. Alhoewel er nog veel vraagtekens zijn over deze technologie en de daaruit voortvloeiende maatschappelijke gevolgen, vormen met name Large Language Models (LLM) aanleiding voor een enorme hype in investeringen, ontwikkelingen en toepassingen. Naar de mening van Suleyman c.s. zullen er snel duizenden van dergelijke modellen beschikbaar zijn. Daarmee bereiken we een punt waarop iedereen in de wereld de beschikking heeft over kunstmatige capabele intelligentie (ACI). Met deze laatste term brengen zij een onderscheid aan met kunstmatige algemene intelligentie (AGI).

De kwantum-werkelijkheid verschilt fundamenteel van de fysieke menselijke werkelijkheid.

Ethische risico’s

De snelle ontwikkelingen op dit vlak brengen niet alleen nieuwe ethische risico’s met zich mee maar ook risico’s voor de veiligheid en privacy van bedrijven en personen. Deze risico’s zijn nog onvoldoende in beeld en kunnen nauwelijks overschat worden. De auteurs van het boek waarschuwen dan ook dat kunstmatige intelligentie niet alleen een technologisch werktuig of platform is maar tevens een technologische verandering op metaniveau, die zowel positieve als negatieve toepassingen mogelijk maakt. 

Naast kunstmatige intelligentie beschouwen Suleyman c.s. synthetische biologie als een centraal onderdeel van deze nieuwe golf aan technologische mogelijkheden. Hierbij gaan zij ervan uit dat ook ons DNA een vorm van informatie is, waarbij de gebruikte lettercombinaties worden omgevormd naar nullen en enen. De toepassing zal plaatsvinden in bijvoorbeeld voedsel, medicijnen (vaccins), materialen, productieprocessen en consumentengoederen. 

Suleyman c.s. wijzen ook op twee andere snel opkomende technologieën: kwantum computing en robotica. Hoewel kwantum computing zich nog in een vroege (ontwikkelings-)fase bevindt, verwachten de auteurs ook op dit terrein op korte termijn grote doorbraken, gegeven ook de grote investeringen in de VS, China en Europa. De twee nieuwe technologieën zullen van grote invloed zijn op bestaande technologische ontwikkelingen. De auteurs zijn van mening dat doorbraken op het vlak van kwantum-technologie verregaande implicaties hebben en mogelijkerwijs catastrofale gevolgen voor bijvoorbeeld de financiële sector of overheidscommunicatie in het algemeen. 

Nieuwe bedreigingen

De centrale attractiviteit van kwantum-computers wordt gevormd door de mogelijkheid om de snelheid en omvang van computerberekeningen exponentieel te vergroten. De kwantum-werkelijkheid verschilt fundamenteel van de fysieke menselijke werkelijkheid. De fundamenten waarop kwantum computing is gebaseerd, zoals quantum waves, entanglement, superpositie en onzekerheid, verschillen fundamenteel van de huidige digitale en menselijke werkelijkheid. Ook kan de kwantum-werkelijkheid alleen waargenomen worden door gebruik te maken van specifiek ontwikkelde apparaten, die met een specifiek doel een niet-herhaalbare waarneming kunnen doen. 

Tegelijkertijd zal het kunnen begrijpen en controleren van deze nieuwe complexiteit, gebaseerd op mathematische en natuurwetenschappelijke inzichten, voor de mensheid steeds verder afnemen. 

Deze nieuwe ontwikkelingen zijn niet langer beperkt tot individuele systemen of toepassingen. Op steeds meer terreinen zoeken onderzoekers naar mogelijkheden om samenwerkingsverbanden of collectieven van systemen te creëren. Deze collectieven bestaan uit verschillende wereldwijde netwerken en zijn gezamenlijk gericht op het realiseren van een of meerdere belangen door middel van samenwerking. De verwachting is dat deze collectiviteiten steeds meer autonoom en zonder tussenkomst van mensen interacteren met hun omgeving en activiteiten uitvoeren zonder directe toestemming van mensen. 

De door Suleyman c.s. beschreven golf aan nieuwe technologieën heeft dan ook naar hun mening niet alleen positieve kanten. Niet alleen zal de wereldwijde verspreiding niet kunnen worden bestuurd en gecontroleerd vanuit een enkele natiestaat, ook zullen nieuwe bedreigingen ontstaan, die zorgen voor het ontregelen of saboteren van deze steeds autonomer functionerende systemen. 

Mogelijke confrontatie 

In 2022 stelde ik in een artikel in ‘Foundations of Science’ de volgende vraag: 

Are we humans sufficiently aware of the possible impact on our ‘Being’ in this ongoing confrontation between a traditional reality shaped by humans and the new digital reality created largely by algorithms and software

Vrij vertaald: zijn wij ons als mensheid bewust van de veranderingen die de digitale transformatie met zich meebrengt voor ons Zijn van mens? Maar ook: stellen wij ons voldoende de vraag of wij over voldoende kennis beschikken hoe die toekomstige digitale wereld eruit ziet en wat dit betekent voor ons Zijn van mens in deze nieuwe digitale wereld? Of gaan we er als vanzelfsprekend vanuit dat we ons kunnen aanpassen aan de uitkomsten van computers, algoritmes en software? Zijn wij ons bewust van de grote en kleine gevaren die voortvloeien uit onze drang naar een steeds snellere digitale transformatie van de samenleving voor ons Zijn van mens?  Of koersen we af op een mogelijke confrontatie van de zintuiglijke menselijke wereld met de aanstormende digitale wereld?

De nieuwe digitale werkelijkheid dwingt ons om na te denken over het Zijn van mens in een digitale wereld.

Zijn van mens
In onze moderne en historische werkelijkheid bestaat nog steeds de opvatting dat we technologie kunnen beschouwen vanuit een instrumentele benadering van geïsoleerde objecten. Dit perspectief is dominant voor het ontwikkelen, vormgeven en besturen van digitale ontwikkelingen. De nieuwe digitale werkelijkheid dwingt ons echter na te denken over een Zijn in een wereld dat is gebaseerd op computers, algoritmes en software, die functioneren in een onderling verband en die door mensen in hun werking niet zijn waar te nemen. 

De vraag dringt zich op of we als mensheid in deze ontwikkeling iets missen wat Martin Heidegger ‘intentionaliteit’ noemt, om de veranderingen die gaande zijn waar te nemen. Heidegger stelt in 1924 in zijn colleges over het concept van ‘tijd’, dat intentionaliteit iets is wat ontstaat uit: “een bewust beleefde ervaring, voortkomend uit een (spontane) relatie met een object waaruit een betekenis voor ons ontstaat.”

De verbindingen die thans als vanzelfsprekend om ons heen ontstaan tussen apparaten onderling en tussen apparaten en mensen, kunnen we niet zintuiglijk waarnemen. We kunnen dan ook niet anders dan de in het begin geformuleerde vraag beantwoorden met de constatering dat de snelheid van de ontwikkeling van de digitale werkelijkheid een gegeven is en dat de consequenties van dit proces steeds zichtbaarder worden. De noodzaak om in dit proces op zoek te gaan naar een antwoord op de vraag wat dit betekent voor het Zijn van mens in een digitale werkelijkheid is daarmee meer dan ooit urgent geworden.

1. Dit artikel is een bewerking van het gelijknamige hoofdstuk in de publicatie Smart Humanity. Menselijkheid in  digitale tijden.
2.  Lier van B. (2022) Martin Heidegger’s ‘Dasein in an Emerging Digital Ecology. Foundations of Science https://doi.org/10.1007/s10699-022-09879-5

Prof. dr. Ben van Lier is in 2009 gepromoveerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op het onderwerp Interoperabiliteit van Informatie. Hij is gepensioneerd en heeft de laatste 23 jaar gewerkt bij Centric, een Nederlands IT-bedrijf, onder andere als Director Strategy & Innovation. In 2013 werd hij benoemd tot hoogleraar aan de Steinbeis University in Berlijn en daarnaast in 2015 tot Lector aan de Hogeschool Rotterdam. Binnen de digitale transformatie houdt hij zich steeds meer bezig met vragen over wat deze digitale transformatie betekent voor het ‘zijn’ van mens in een digitale wereld.

Studiekosten

Lees meer over de studiekosten van de verschillende opleidingen van de HTF

Studiekosten

Toelating

Lees hier meer over de toelatingseisen van de HTF

Toelating

Lees ook deze artikelen

Zoekfunctie

Zoekfunctie

Categorie

Categorie

Publicatiedatum

Publicatiedatum

Artikelsoort

Artikelsoort
© HTF Hogeschool voor Toegepaste Filosofie (HTF) B.V. 2025
Webdesign: SaffrieDesign
crossarrow-left
linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram